Jozsef Kiprich de Tovenaar van Tatabanya
Oorspronkelijke publicatie ↗ · Bewaarde oorspronkelijke brongegevens (gzip) ↗
Een speler die absoluut aandacht verdiend op Uithaal.nl is Jozsef Kiprich. In de jaren ’90, toen een seizoenskaart nog te betalen was, zat ik elke thuiswedstrijd in de Kuip. Ik had het geluk om te mogen genieten van dit fenomeen, één van de grootste publiekslievelingen van die tijd.
Ik geloof niet dat er één speler is die zo populair onder de supporters was als Kiprich. Hoe hij penalty’s nam was briljant. Hij schoot ze zo zacht in dat je de bal gewoon zag rollen, maar ze gingen er wel allemaal in. Gewoon wachten tot de keeper op de grond lag.
Ik kan me nog een herinneren dat Kiprich tijdens de wedstrijd langs de lijn aan het warmlopen was. Op een gegeven moment kreeg Feyenoord een penalty. Kiprich rende naar de trainer, die wisselde onmiddellijk en Jozsef liep meteen naar de stip en schoot de bal binnen. Het leuke aan Kiprich was ook dat als het niet lekker liep bij hem, dat er ook echt helemaal niks lukte. Ik heb hem in één wedstrijd wel eens 2x over een bal zien struikelen. Hem overkwam dat en niemand vond dat erg. Dat was Jozsef.
Zijn afscheid was legendarisch. Tijdens de bekerfinale van ’95 tegen FC Volendam zat Jozsef op de reservebank. Gedurende de hele wedstrijd werd hij toegezongen. Na de wedstrijd werd hij op de schouders van de spelers gehesen, over het veld gedragen en kon zijn tranen niet meer bedwingen net als vele supporters op de tribune. Een onvergetelijk moment.
Na zijn periode bij Feyenoord in ’95 is hij nog twee jaar in Cyprus gaan voetballen. Ik ken supporters die speciaal naar Cyprus op vakantie gingen om hem te zien. Hij was dan zo enthousiast dat hij ze thuis uitnodigde. Schitterend toch. In ’98 kwam hij nog even terug in Nederland, bij FC den Bosch, waarna hij vertrok naar Tatabánya, waar hij speler/trainer werd. In 2005 is hij aangesteld door Feyenoord om in Hongarije te helpen bij het scouten en opleiden. Het enige wat mij, als bewonderaar van de de Tovenaar van Tatabánya, nog rest te zeggen is:
Jozsef bedankt!
Open de volledige museumweergave met reacties en archiefversies ↗