Uithaal · Blogbericht

Talent en vakmanschap

Oorspronkelijke publicatie ↗ · Bewaarde oorspronkelijke brongegevens (gzip) ↗

foppeIn Nederland hebben we veel talentvolle spelers, maar wat is talent eigenlijk precies? En zijn de beste spelers uit het verleden eigenlijk wel de beste trainers voor de toekomst? Dat zijn vragen waar ik al een tijdje mee rond loop.

Het eerste wat je doet bij het horen van die vraag, is jezelf afvragen welke voorbeelden je kent. Welke topspelers van vroeger zijn trainer geworden én zijn succesvol?

Frank Rijkaard, Johan Neeskens, Marco van Basten, Ronald Koeman, Willem van Hanegem en Johan Cruijff zijn de eerste namen die bij mij naar bovenkomen als je het hebt over topspelers die later trainer zijn geworden. Momenteel zijn Frank de Boer, Philip Cocu en Dennis Bergkamp flink aan de weg aan het timmeren om ooit zelf de leiding te kunnen nemen als trainer. Ook Mark van Bommel heeft wel eens aangegeven later langs de lijn te willen staan.

Stuk voor stuk fantastische spelers, ze behoren zonder twijfel tot de grootste Nederlandse voetballers. Ze hebben de absolute top gehaald omdat ze talent hadden om tegen een bal aan te trappen, maar vaak nog meer dan dat, ze hadden het talent om spelsituaties goed in te schatten. Anders gezegd; ze hadden het talent om tactisch slim te voetballen.

Deze voetballers die voetballen met hun intuïtie want dat is de enige manier om je tegenstander te slim af te zijn. Deze voetballers voetbalden zo goed, omdat ze vertrouwen hadden in hun intuïtie. Als Klaas-Jan Huntelaar eerst even rustig gaat nadenken in welke hoek hij de bal gaat schieten, dan wordt het niks. Hij moet direct, zonder na te denken hard uithalen, anders is hij te laat. Het is juist die eigenschap die ervoor zorgt dat hij wel de top haalt in tegenstelling tot de andere hard werkende voetballers Klaas-Jan heeft gewoon nét iets meer talent.

"Zonder na te denken" en spelen "op je intuïtie" maakt dus het verschil als speler. Maar wat maakt het verschil bij trainers? Niet nadenken en je intuïtie volgen? Misschien in sommige situaties, maar als je het mij vraagt is voor goed trainerschap ook nog eens een ander soort intuïtie nodig en is "niet nadenken" niet echt aan te raden in het trainersvak.

We kunnen dus vaststellen dat juist die eigenschap die je nodig hebt om als voetballer de top te halen je als trainer niet verder helpt, want intuïtie is niet uit te leggen en je kunt het onmogelijk leren anders zou iedereen door hard te werken topvoetballer kunnen worden en zo werkt het helaas niet.

Laat ik eens een nieuw lijstje maken, dit keer met Nederlandse trainers die als voetballer niet de absolute top hebben gehaald.

Leo Beenhakker (niet verder dan het amateurvoetbal), Bert van Marwijk (Eredivisiespeler bij o.a. Go Ahead en Fortuna), Guus Hiddink (korte periode bij PSV maar haalde nooit de absolute top), Foppe de Haan (amateurvoetbal en even bij Heerenveen) en Louis van Gaal (Oké, hij heeft bij Ajax, Sparta en AZ gespeeld. Je zou dus kunnen zeggen dat hij wel de top heeft gehaald, maar tegen de lijst met eerder genoemde voetballers is hij niet opgewassen).

Deze vakmannen zijn als voetballers minder goed geslaagd maar doen het als trainer over het geheel genomen een nog veel beter. Ze hebben zich vaak als trainer van een amateurclub moeten opwerken naar het niveau waar ze nu zijn. Hun kennis over trainingsmethode, tactische inbreng en het vakmanschap van het 'op de juiste manier overbrengen van informatie' moet haast wel groter zijn dan bij de topvoetballers anders waren ze met hun magere voetbal-achtergrond nooit zo ver gekomen.

Concluderend zeg ik niet dat topvoetballers geen goede trainer kunnen worden (die voorbeelden zijn er immers ook), maar het gemak waarmee topvoetballers een baan als hoofdtrainer krijgen aangeboden vind ik onterecht. Het wordt tijd dat de voetbalclubs daarin professioneler worden en minder risico nemen met het aanstellen van een hoofdcoach en het verschil inzien tussen voetbal talent en vakmanschap.

Open de volledige museumweergave met reacties en archiefversies ↗